ECLI:NL:RBBRE:2006:AY8840
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Janssen
- Peters
- Kouwenhoven
- Rechtspraak.nl
Schorsing en beëindiging vervolging wegens gebrekkige geestvermogens na hersenbloedingen
De rechtbank Breda behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van het verbergen van een lijk met het oogmerk de doodsoorzaak te verhullen. Tijdens de procedure bleek dat verdachte sinds 2004 meerdere ernstige hersenbloedingen had doorgemaakt, met blijvende cognitieve stoornissen.
Neuropsychologisch en neurologisch onderzoek toonde een meervoudig cognitief functieverlies, waaronder problemen met oriëntatie, geheugen, taal en uitvoerende functies, passend bij een vasculair dementieel ziektebeeld. Hierdoor is verdachte niet in staat de strekking van de vervolging te begrijpen.
De rechtbank besloot op grond van artikel 16 lid 1 Sv Pro de vervolging te schorsen en de zaak te beëindigen. Hoewel formeel de vervolging kan worden hervat bij herstel, achten deskundigen dit herstel uiterst onwaarschijnlijk. Het verzoek tot beëindiging van de zaak ex artikel 36 Sv Pro werd gegrond verklaard, mede gezien de emotionele belasting voor verdachte en zijn familie.
De beslissing werd genomen tijdens een openbare terechtzitting waarbij belanghebbenden voldoende gelegenheid hadden de procedure te volgen. De rechtbank achtte het verzoek tot beëindiging redelijk en passend in de omstandigheden.
Uitkomst: De vervolging van verdachte is geschorst en de zaak is beëindigd vanwege zijn gebrekkige geestvermogens.