ECLI:NL:RBBRE:2006:AV8798
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.G.M. Wouters
- P.H.J.G. Römers
- L.P. Hertsig
- Rechtspraak.nl
Onverbindendverklaring sectorale premiedifferentiatie kleine werkgevers WAO 2005
Eiseres stelde beroep in tegen het besluit van het UWV inzake de vaststelling van de gedifferentieerde WAO-premie voor kleine werkgevers in de sector Detailhandel en Ambachten voor het jaar 2005. Zij betoogde dat het besluit van 27 september 2004, dat het sectorpercentage vaststelde, en het Besluit premiedifferentiatie WAO in strijd waren met artikel 78 van Pro de WAO en artikel 4a van het Besluit premiedifferentiatie WAO.
De rechtbank oordeelde dat het besluit van 27 september 2004 een algemeen verbindend voorschrift is waartegen geen bezwaar en beroep openstaan, maar dat in de procedure tegen de uitvoeringsbeschikking de exceptie van onverbindendheid kan worden opgeworpen. De rechtbank stelde vast dat het UWV zonder daartoe bevoegd te zijn, een andere methodiek hanteerde voor de berekening van de sectorale opslag dan de wetgever voor ogen had, met name door indirecte uitkeringslasten toe te rekenen aan kleine werkgevers.
De rechtbank concludeerde dat deze berekeningswijze niet strookt met de tekst, strekking en bedoeling van artikel 4a van het Besluit premiedifferentiatie WAO. Hierdoor ontbeert het bestreden besluit een deugdelijke grondslag, hetgeen leidt tot vernietiging van het besluit. De rechtbank beval het UWV een nieuw besluit te nemen met inachtneming van haar overwegingen en veroordeelde het UWV in de proceskosten en griffierecht van eiseres.
Uitkomst: Het bestreden besluit is vernietigd en het UWV moet een nieuw besluit nemen met inachtneming van de uitspraak.