ECLI:NL:RBBRE:2004:AP3605
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.M. Steenbeek
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot verbod op vestiging concurrerende apotheek in Boxmeer
Eisers, bestaande uit een apotheek en een apotheker te Boxmeer, vorderden in kort geding dat gedaagden, waaronder huisartsen en een apotheekhouder, zouden worden verboden een nieuwe apotheek in Boxmeer op te zetten en te exploiteren. De vorderingen waren gebaseerd op vermeende contractbreuk van huisartsen die volgens eisers verplichtingen hadden uit een beginselovereenkomst en overnameovereenkomst, en op overtreding van wettelijke bepalingen zoals artikel 18 van Pro het Besluit uitoefening artsenijbereidkunst en het Reclamebesluit geneesmiddelen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat eisers onvoldoende aannemelijk hadden gemaakt dat de huisartsen de praktijk van voormalige huisartsen hadden overgenomen en dat zij contractueel gehouden waren aan de genoemde verplichtingen. Tevens werd vastgesteld dat de betrokken apotheker niet aannemelijk betrokken was bij de exploitatie van de nieuwe apotheek. Daarnaast werd geoordeeld dat de samenwerking tussen apotheker en huisartsen in een commanditaire vennootschap niet in strijd is met de wetgeving die de scheiding van arts en apotheker regelt, noch dat sprake was van ongeoorloofde geneesmiddelenreclame of mededingingsbeperking.
Daarom werden de gevorderde voorzieningen geweigerd en werden eisers veroordeeld in de kosten van het geding. Het vonnis werd gewezen door voorzieningenrechter M.M. Steenbeek op 18 juni 2004.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst de vorderingen af en veroordeelt eisers in de kosten van het geding.