ECLI:NL:RBBRE:2003:AN8787
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen dwangbevel wegens dubbel parkeren gegrond verklaard wegens niet-ontvangen beschikking
Betrokkene kreeg een boete van €40,84 opgelegd wegens dubbel parkeren op 4 december 2001 in Rotterdam. Deze boete werd verhoogd tot €76,58 wegens niet-betaling. Na nalatigheid werd op 18 december 2002 een dwangbevel uitgevaardigd, dat op 31 maart 2003 werd betekend. Betrokkene maakte verzet tegen de tenuitvoerlegging van dit dwangbevel.
De kantonrechter oordeelde dat betrokkene door persoonlijke en medische omstandigheden de beschikking en aanmaningen niet had ontvangen. Dit werd ondersteund doordat betrokkene direct contact opnam met de deurwaarder na kennisname van het dwangbevel. Hierdoor kon betrokkene geen beroep instellen bij de officier van justitie, waardoor het dwangbevel prematuur was en het verzet gegrond.
Het verzet werd opgevat als een beroep tegen de beschikking, zij het te laat en ingediend bij de kantonrechter in plaats van bij de officier van justitie. De kantonrechter besloot het dossier door te zenden aan de officier van justitie in Rotterdam om alsnog een beslissing te nemen. Betrokkene kreeg het betaalde griffierecht terug. Tegen deze beschikking kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Leeuwarden.
Betrokkene stelde dat hij ten tijde van de overtreding bedlegerig was en zijn auto niet had uitgeleend. Hij onderbouwde dit met een verklaring van een verzekeringsarts en verwees naar zijn echtscheidingsprocedure als reden waarom de beschikking hem niet had bereikt.
Uitkomst: Het verzet tegen het dwangbevel wordt gegrond verklaard en het dossier wordt doorgezonden aan de officier van justitie voor een nieuwe beslissing.