ECLI:NL:RBBRE:2003:AN8094
Rechtbank Breda
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot onderhandeling over prijsaanbieding bouwproject na overschrijding 3%-grens
Doevendans vordert in kort geding dat De Wilde met haar in onderhandeling treedt over een prijsaanbieding voor de bouw van 12 woningen in het project Witbrant Oost te Tilburg. De Wilde had een procedure opgesteld waarbij bij een prijsverschil van meer dan 3% tussen de begroting van De Wilde en de offerte van een aannemer, geen verdere onderhandelingen zouden plaatsvinden en direct gebruik gemaakt kon worden van een afstandsverklaring.
Doevendans had een prijsopgave gedaan die 8% hoger was dan de begroting van De Wilde. De Wilde weigerde daarop verdere onderhandelingen en sloot een aannemingsovereenkomst met een derde partij. Doevendans stelde dat De Wilde onterecht niet met haar wilde onderhandelen, terwijl volgens haar de prijsopgave nog onderhandelbaar was.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de bedoeling van partijen was dat bij een prijsverschil groter dan 3% geen onderhandelingen hoefden plaats te vinden. De verklaring van afstand en de communicatie bevestigen dat De Wilde niet verplicht was om tijd te besteden aan vruchteloze onderhandelingen. De stelling van Doevendans dat zij mocht verwachten dat bij een verschil van 3% of minder geen onderhandelingen nodig waren, wordt niet aannemelijk geacht.
De rechtbank wijst de vordering af en veroordeelt Doevendans in de proceskosten. De uitspraak benadrukt het belang van duidelijke afspraken en de uitleg van contractuele bepalingen aan de hand van de redelijke verwachtingen van partijen in de gegeven omstandigheden.
Uitkomst: De vordering van Doevendans tot onderhandeling wordt afgewezen omdat de prijsopgave meer dan 3% afweek van de begroting van De Wilde.