ECLI:NL:RBBRE:2003:AF8739
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.G.M. Wouters
- Rechtspraak.nl
Ontslag ambtenaar wegens arbeidsongeschiktheid niet zorgvuldig voorbereid
Eiseres was werkzaam bij de Minister van Verkeer en Waterstaat en staakte haar werkzaamheden op 7 januari 1999 vanwege een ongeval tijdens werktijd. Na twee jaar arbeidsongeschiktheid werd een ontslagprocedure gestart op grond van artikel 98 ARAR Pro. De verzekeringsarts van de USZO concludeerde dat eiseres haar werkzaamheden niet volledig kon hervatten en dat herstel binnen zes maanden niet te verwachten was.
Verweerder stelde dat hij niet hoefde te zoeken naar herplaatsingsmogelijkheden omdat eiseres volledig arbeidsongeschikt was. Eiseres betwistte dit en stelde dat zij ondanks beperkingen nog werkzaamheden kon verrichten, bijvoorbeeld op projectbasis. De rechtbank stelde vast dat verweerder niet tijdig had voldaan aan de procedurele vereisten van artikel 98, lid 7, 8 en 9 ARAR, waaronder het informeren van eiseres over de procedure en de mogelijkheid om een eigen arts aan te wijzen.
Daarnaast concludeerde de rechtbank dat verweerder onvoldoende onderzoek had gedaan naar de herplaatsingsmogelijkheden, mede omdat de mate van arbeidsongeschiktheid op 80 tot 100% was vastgesteld en er sprake was van duurzaam benutbare mogelijkheden. Hierdoor was het besluit in strijd met de artikelen 3:2 en 7:12 Awb en kon het niet in stand blijven.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en gelastte verweerder een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiseres.
Uitkomst: Het ontslagbesluit wordt vernietigd wegens onvoldoende zorgvuldig onderzoek en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.