ECLI:NL:RBBRE:2002:AF3098
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Alferink
- Janssen
- Toekoen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling deelname aan criminele organisatie en drugshandel met strafvermindering wegens termijnoverschrijding
De rechtbank Breda behandelde drie samengevoegde strafzaken tegen verdachte, waaronder de zaken Slagwerk, Terriër en de boot-zaak. Verdachte werd beschuldigd van deelname aan een criminele organisatie die zich bezighield met de handel in hashish en witwassen van geld, alsmede van het gebruik van valse documenten.
De rechtbank oordeelde dat in de zaak Terriër onvoldoende bewijs was voor deelname aan een criminele organisatie, waardoor verdachte daarvan werd vrijgesproken. In de zaken Slagwerk en de boot-zaak werd verdachte echter wettig en overtuigend schuldig bevonden aan deelname aan een criminele organisatie en drugshandel, waaronder het exporteren van grote hoeveelheden hashish naar Engeland en het gebruik van valse facturen en registratiebewijzen.
De verdediging voerde onder meer aan dat de redelijke termijn was overschreden, wat de rechtbank bevestigde. Hoewel de overschrijding aanzienlijk was, oordeelde de rechtbank dat het belang van normhandhaving zwaarder woog dan niet-ontvankelijkheid, maar paste wel een strafvermindering van 40% toe. Verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van 15 maanden, waarvan 5 maanden voorwaardelijk, met aftrek van voorarrest.
De rechtbank verwierp verder het verweer dat het horen van informanten noodzakelijk was, en oordeelde dat de verdediging voldoende gelegenheid had gehad om de betrouwbaarheid van de informanten te toetsen. Ook werd vastgesteld dat de vermeende dubbele vervolging niet aan de orde was vanwege verschillende tijdsperioden van de criminele organisaties. Ten slotte werd de teruggave van bepaalde inbeslaggenomen goederen aan verdachte gelast.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 15 maanden gevangenisstraf, waarvan 5 maanden voorwaardelijk, met strafvermindering wegens overschrijding van de redelijke termijn.