ECLI:NL:RBBRE:2002:AF1998

Rechtbank Breda

Datum uitspraak
10 december 2002
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
247578 OV VERZ 02-2621
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:45 BW
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beoordeling bevoegdheid kantonrechter bij verzoek akte van bekendheid ter vervanging geboorteakte

Op 18 november 2002 diende verzoeker een verzoek in bij de kantonrechter te Bergen op Zoom tot afgifte van een akte van bekendheid ter vervanging van een geboorteakte. Deze akte was nodig voor zijn voorgenomen huwelijk. Verzoeker is woonachtig in België. De kantonrechter oordeelde dat op grond van artikel 1:45 lid 1 BW Pro alleen de kantonrechter van de geboorteplaats of woonplaats van de aanstaande echtgenoot bevoegd is tot afgifte van een akte van bekendheid. Omdat verzoeker niet in Nederland woonachtig is, verklaarde de kantonrechter zich onbevoegd.

Daarnaast wees de kantonrechter op artikel 1:45 lid 3 BW Pro, dat alternatieve mogelijkheden biedt om het ontbreken van een geboorteakte te verhelpen, zoals een beëdigde verklaring van getuigen aanwezig bij het huwelijk of een beëdigde verklaring van de aanstaande echtgenoot zelf. De kantonrechter merkte op dat gemeenten vaak standaard verwijzen naar de kantonrechter, wat duurder en moeilijker is, mede omdat vier meerderjarige getuigen nodig zijn die uit eigen wetenschap kunnen verklaren.

De kantonrechter concludeerde dat de procedure via de kantonrechter niet alleen duurder maar ook praktisch moeilijk uitvoerbaar is. Daarom werd het verzoek niet inhoudelijk behandeld en werd de onbevoegdheid uitgesproken.

Uitkomst: Kantonrechter verklaart zich onbevoegd om het verzoek tot afgifte van een akte van bekendheid te behandelen.

Uitspraak

Zaaknr. 247578 OV VERZ 02-2621
RECHTBANK BREDA, SECTOR KANTON, LOCATIE BERGEN OP ZOOM
BESCHIKKING
Op 18 november 2002 is ter griffie van deze locatie ingekomen een verzoek tot het afgeven van een akte van bekendheid voor:
[verzoeker], [adres]verzoeker",
die heeft vermeld geboren te zijn in [adres]rtedatum en plaats/ adres]
zoon van [P & N], welke ouders woonachtig zijn in [adres]].
Verzoeker heeft aangegeven dat de gevraagde akte van bekendheid is bedoeld ter vervanging van een geboorte-akte, welke hij nodig heeft in verband met zijn voorgenomen huwelijk met mevrouw [X.].
Nu verzoeker woonachtig is te [adres], België, zal de kantonrechter aan verdere behandeling van het verzoek niet toekomen op grond van artikel 1:45 lid 1 BW Pro. Een akte van bekendheid kan op grond van dit artikel worden afgegeven aan een aanstaande echtgenoot door de kantonrechter van zijn geboorteplaats of woonplaats.
Wellicht ten overvloede verwijst de kantonrechter naar artikel 1: 45 lid 3 BW inhoudende dat het ontbreken van een geboorteakte ook kan worden verholpen, hetzij door een dergelijke, maar beëdigde verklaring, afgelegd door de getuigen die bij de voltrekking van het huwelijk tegenwoordig zijn, of wel door een bij de ambtenaar van de burgerlijke stand afgelegde beëdigde verklaring van de aanstaande echtgenoot inhoudende dat hij zich geen geboorteakte of akte van bekendheid kan verschaffen. Helaas bestaat bij de gemeenten kennelijk het beleid om een aanstaande echtgenoot die in de onmogelijkheid verkeerd zijn geboorteakte te vertonen standaard te verwijzen naar de kantonrechter voor afgifte van een akte van bekendheid. Deze procedure voor de kantonrechter is echter niet alleen duurder, maar ook moeilijker. De kantonrechter kan immers slechts tot afgifte overgaan op verklaring van vier meerderjarige getuigen. Vaak blijkt na enig navragen reeds dat het voor een aanstaande echtgenoot onmogelijk is om vier getuigen voor te dragen die uit eigen wetenschap over de plaats en het tijdstip van geboorte kunnen verklaren.
BESLISSING
De kantonrechter:
verklaart zich onbevoegd om van het verzoek kennis te nemen.
Aldus gegeven door mr. W.E.M. Verjans, kantonrechter, en in het bijzijn van de griffier in het openbaar uitgesproken op 10 december 2002.