ECLI:NL:RBBRE:2002:AF0162
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot toepassing schuldsaneringsregeling wegens onvoldoende minnelijke regeling
Verzoekster heeft een inkomen uit bijstandsuitkering en schuldenlast van circa €2.025,78. Zij verzocht de rechtbank om toepassing van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP).
De rechtbank beoordeelde dat, ondanks de beperkte aflossingscapaciteit, een minnelijke regeling via het gemeentelijk kredietbank (GKB) eerst serieus moet worden nagestreefd. De gemeente had op basis van de verhouding tussen schulden en draagkracht gesteld dat een minnelijke regeling niet mogelijk was, maar de rechtbank vond dat onvoldoende.
De rechtbank overwoog dat bij een aflossing van circa €36,82 per maand de schulden binnen 6,5 tot 7 jaar kunnen worden afgelost, wat redelijk is binnen de maximale duur van de WSNP van 5 jaar. Daarom moet verzoekster eerst een regeling via het GKB proberen.
Omdat verzoekster dit niet had gedaan, wees de rechtbank het verzoek tot toelating tot de WSNP af. Indien een minnelijke regeling niet lukt, staat het verzoek tot toelating tot de WSNP nog open.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen omdat eerst een minnelijke regeling via het gemeentelijk kredietbank moet worden geprobeerd.