ECLI:NL:RBBRE:2001:AB2578
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Verhagen-Coopmans
- Van den Heuvel
- Van den Beld
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen NTK wegens ongeldige cessie en ontbreken betalingsverplichting FIN
In deze civiele procedure vordert Nederlandsch Trustkantoor voor Belegging en Financiering B.V. (NTK) dat Frisdranken Industrie Nederland B.V. (FIN) gehouden is tot afdracht van zogenaamde 'Varagelden' op grond van een cessieovereenkomst van 28 november 1985. NTK baseert zich op een garantieverplichting van Interbrew uit een overeenkomst van 16 maart 1973. FIN en Interbrew betwisten deze vorderingen primair vanwege onzekerheid over de betalingsgerechtigde en de geldigheid van de cessie.
De rechtbank oordeelt dat FIN niet partij is bij de overeenkomst van 16 maart 1973 en dat de cessie van Leutscher aan NTK geen betalingsverplichting van FIN tot gevolg heeft. De garantieverplichting van Interbrew wordt niet geacht tot betaling te leiden omdat niet is voldaan aan de voorwaarden van borgtocht of garantieverplichting. De vorderingen van NTK worden daarom afgewezen.
De reconventionele vorderingen van FIN en Interbrew tot betaling aan hen worden deels toegewezen en deels afgewezen. De groep gedaagden betwist eveneens de vorderingen van NTK en wordt in het ongelijk gesteld. De proceskosten worden verdeeld en vergoedingen toegekend conform de uitspraken.
De uitspraak bevestigt dat de cessieovereenkomst geen rechtsgeldige betalingsverplichting jegens FIN heeft gecreëerd en dat NTK geen rechthebbende is op de Varagelden onder FIN. Het vonnis bevat uitgebreide overwegingen over de contractuele relaties, cessie, borgtocht en garantieverplichtingen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van NTK af wegens ongeldige cessie en ontbreken betalingsverplichting van FIN.