ECLI:NL:RBBRE:1997:AA7770
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Cooijmans
- Rechtspraak.nl
Vergoeding wettelijke rente over na te betalen Ziektewet-uitkering
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het Landelijk instituut sociale verzekeringen (Lisv) om geen wettelijke rente te vergoeden over een na te betalen Ziektewet-uitkering. De Centrale Raad van Beroep had eerder het oorspronkelijke besluit tot weigering van de uitkering vernietigd. Verweerder stelde dat de vordering tot rentevergoeding was verjaard en dat rente pas vanaf 6 juni 1996 verschuldigd zou zijn, de datum van aanzegging.
De rechtbank oordeelde dat de niet-ontvankelijkverklaring van eiseres onterecht was, omdat het beroepschrift tijdig was ingediend en de vertraging bij doorzending niet aan eiseres kon worden toegerekend. Verder stelde de rechtbank dat de verjaringstermijn pas begon te lopen na de vernietiging van het oorspronkelijke besluit door de Centrale Raad van Beroep, en niet op de datum van dat besluit zelf.
Ten aanzien van de rentevergoeding oordeelde de rechtbank dat de wettelijke rente inderdaad pas vanaf 6 juni 1996 verschuldigd is, omdat dit de datum is waarop eiseres het verzoek tot vergoeding heeft ingediend. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat Lisv de wettelijke rente vanaf die datum moet vergoeden. Tevens werd Lisv veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht van eiseres.
Uitkomst: Lisv moet wettelijke rente vergoeden vanaf 6 juni 1996 over de na te betalen Ziektewet-uitkering.