ECLI:NL:RBASS:2012:BY1180
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtsgeldigheid cessie en bewijsvermoeden bij identiteitsfraude telecomvordering
In deze civiele procedure vordert Marjoc I B.V. betaling van een telecomvordering die zij van Telfort B.V. heeft gekocht. De gedaagde betwist de rechtsgeldigheid van de cessie en stelt dat hij slachtoffer is van identiteitsfraude, waardoor hij geen overeenkomst met Telfort heeft gesloten.
De rechtbank stelt vast dat de cessie is vastgelegd in onderhandse akten en dat mededeling aan de gedaagde is gedaan door betekening van de dagvaarding. Dit maakt de overdracht rechtsgeldig. De gedaagde betwist echter dat hij de contractant is en voert identiteitsfraude aan. De rechtbank erkent een bewijsvermoeden dat Telfort de overeenkomst met de gedaagde heeft gesloten, mede vanwege het gebruik van diens identiteitskaart en bankpas bij het afsluiten.
Gezien de ontkenning van de gedaagde en het belang van een eerlijk proces, wijst de rechtbank hem toe tegenbewijs te leveren om het vermoeden te ontzenuwen. De zaak wordt aangehouden tot de volgende rolzitting voor het nemen van een akte over het tegenbewijs. De beslissing over de vordering wordt voorlopig aangehouden.
Uitkomst: De zaak wordt aangehouden om de gedaagde gelegenheid te geven tegenbewijs te leveren tegen het bewijsvermoeden van de overeenkomst en cessie.