ECLI:NL:RBASS:2010:BO4676
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toestemming voor afgifte reisdocument aan minderjarige na geschil tussen gezagdragende ouders
De zaak betreft een verzoek van de moeder om vervangende toestemming voor de afgifte van een reisdocument aan hun minderjarige kind, waarbij de ouders gezamenlijk het gezag uitoefenen. De vader diende een verweerschrift met een zelfstandig verzoek laat in, na sluitingstijd van de griffie en kantoortijd, waardoor dit niet-ontvankelijk werd verklaard.
De kinderrechter oordeelde dat de vader voldoende tijd had om zich voor te bereiden en dat het late indienen van het verweerschrift en zelfstandig verzoek, dat een ander onderwerp betrof, de grenzen van een behoorlijke procesorde overschreed. De medische rapportage van een GGZ-arts gaf geen redenen om de vakantie met de moeder te weigeren.
De kinderrechter concludeerde dat het belang van het kind gediend is met de toestemming voor het reisdocument en wees het verzoek van de moeder toe. De gemeente wordt opgedragen de beslissing uit te voeren en de beschikking is uitvoerbaar bij voorraad. De vader kan binnen drie maanden hoger beroep instellen via de advocaat.
Uitkomst: De kinderrechter verleent vervangende toestemming voor afgifte van een reisdocument aan de minderjarige.