ECLI:NL:RBASS:2008:BD1690
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.J. Schoemaker
- C.M.M. Oostdam
- K. Bunk
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplichtigheid aan invoer en verspreiding cocaïne via woonadres
De rechtbank Assen heeft op 6 mei 2008 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte die werd beschuldigd van betrokkenheid bij de invoer en verspreiding van cocaïne. Verdachte stelde haar woonadres beschikbaar aan medeverdachte 1, waardoor deze pakketten met cocaïne vanuit Aruba naar Nederland kon verzenden. Verdachte overhandigde ook pakketten aan een derde persoon en zorgde ervoor dat een ander pakket eveneens werd overgedragen.
Hoewel de rol van verdachte gering was, achtte de rechtbank het een ernstig feit vanwege de gevaren voor de volksgezondheid. Verdachte ontkende op de hoogte te zijn van de inhoud van de pakketten, maar de rechtbank oordeelde dat zij de aanmerkelijke kans aanvaardde dat het om drugs ging, mede gelet op haar onderzoeksplicht en de omstandigheden.
Het bewijs bestond uit verklaringen van medeverdachten, politieverslagen, en het feit dat verdachte meerdere keren pakketten in ontvangst nam en overhandigde. De rechtbank sprak verdachte vrij van het primair tenlastegelegde, maar verklaarde het subsidiair tenlastegelegde bewezen: medeplichtigheid aan het opzettelijk handelen in strijd met de Opiumwet.
De strafmaat werd bepaald rekening houdend met de ernst van het feit, de geringe rol van verdachte en haar eerdere strafvrije verleden. De rechtbank legde een voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand op met een proeftijd van twee jaar en een werkstraf van 60 uren, met vervangende hechtenis bij niet-naleving.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand en een werkstraf van 60 uren wegens medeplichtigheid aan invoer en verspreiding van cocaïne.