ECLI:NL:RBASS:2001:AB1701
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. van der Herberg
- J.D. den Hartog
- G. Kaaij
- Rechtspraak.nl
Rechtbank verklaart officier van justitie niet-ontvankelijk wegens onvolledig opsporingsonderzoek in mensenhandelzaak
In deze strafzaak werd verdachte verdacht van mensenhandel met meerderjarige en minderjarige vrouwen, deelname aan een misdadige organisatie en het gebruik van valse reisdocumenten. De tenlasteleggingen betroffen perioden van 1999 tot 2001 en betroffen meerdere arrondissementen in Nederland en buitenlandse locaties.
Tijdens de behandeling stelde de raadsman van verdachte dat de dagvaarding onduidelijk was en dat het openbaar ministerie niet ontvankelijk moest worden verklaard wegens onregelmatigheden in het opsporingsonderzoek. De rechtbank onderzocht deze bezwaren en constateerde dat er aanwijzingen waren dat er observaties hadden plaatsgevonden zonder dat hiervan proces-verbaal was opgemaakt, en dat informatie hierover bewust was achtergehouden voor de rechtbank en verdediging.
De rechtbank hoorde diverse opsporingsambtenaren en concludeerde dat de observaties het karakter van opsporing hadden en dat informatie over deze observaties en de aanleiding van een controle op 4 januari 2001 bewust was verzwegen. Dit leidde tot het oordeel dat het openbaar ministerie niet ontvankelijk moest worden verklaard in de vervolging. De voorlopige hechtenis werd opgeheven en de civiele vorderingen van benadeelde partijen werden niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de officier van justitie niet-ontvankelijk in de vervolging en heft de voorlopige hechtenis van verdachte op.