ECLI:NL:RBASS:2000:AF0167
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot beëindiging schuldsaneringsregeling wegens onvoldoende aannemelijkheid niet-nakoming verplichtingen
De rechtbank Assen behandelde het verzoek tot beëindiging van de schuldsaneringsregeling van de heer X. en mevrouw Y. De schuldsaneringsregeling was ingesteld na het faillissement van de heer X. in januari 1996. De sanieten en de bewindvoerder verzochten om beëindiging van de regeling omdat zij meenden dat niet verwacht kon worden dat zij geheel of gedeeltelijk aan hun verplichtingen konden voldoen.
De rechtbank overwoog dat van de saniet verwacht mag worden dat hij gedurende de looptijd van de regeling maximale inspanningen levert om geld voor de schuldeisers te genereren. Het belang van het bedrijf van zijn zoon, waarin de saniet directeur is en het minimumloon verdient, is daaraan ondergeschikt. De bewindvoerder had aangevoerd dat een salarisverhoging niet verantwoord was en dat een andere, beter betaalde baan niet mogelijk was vanwege de specifieke kennis van de saniet.
De rechtbank oordeelde dat het niet op voorhand uitgesloten is dat de saniet zich op de arbeidsmarkt een beter betaalde baan kan verwerven, mits hij zich voldoende inspant. Gelet op het positieve resultaat van het bedrijf in 1999 achtte de rechtbank het niet aannemelijk dat de saniet niet gedeeltelijk aan zijn verplichtingen kan voldoen. Ook voor mevrouw Y. geldt dat haar verzoek niet kan worden ingewilligd.
Daarom wees de rechtbank het verzoek tot beëindiging van de schuldsaneringsregeling af en bepaalde zij een datum voor de verificatievergadering op 28 februari 2001.
Uitkomst: Het verzoek tot beëindiging van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen en een verificatievergadering wordt vastgesteld.