ECLI:NL:RBASS:2000:AA9385
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging terugvorderingsbesluit arbeidsongeschiktheidsuitkering wegens onvoldoende motivering en twijfel aan verklaringen
De rechtbank Assen behandelde het beroep van de weduwe van een overledene tegen besluiten van het Landelijk instituut sociale verzekeringen (Lisv) over terugvordering van arbeidsongeschiktheidsuitkeringen. De overledene ontving sinds 1985 uitkeringen op grond van de AAW en WAO, maar werd verdacht van het verrichten van niet opgegeven werkzaamheden als chauffeur vanaf 1992. Na onderzoek en verhoren door opsporingsdiensten werden de uitkeringen gekort en teruggevorderd.
De overledene heeft tijdens verhoren verklaringen afgelegd die later werden ingetrokken, waarbij de rechtbank twijfels had over de betrouwbaarheid van deze verklaringen vanwege zijn psychische gesteldheid en ernstige ziekte. De rechtbank oordeelde dat het Lisv ten onrechte uitsluitend op deze verklaringen was afgegaan zonder voldoende motivering waarom andere verklaringen niet werden gevolgd, waarmee de motiveringsplicht werd geschonden.
Gelet op deze tekortkomingen vernietigde de rechtbank het bestreden besluit en bepaalde dat het Lisv een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens werd het Lisv veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak benadrukt het belang van zorgvuldige motivering en het betrekken van alle relevante omstandigheden bij terugvorderingsbesluiten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het terugvorderingsbesluit wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en twijfel aan de verklaringen.