ECLI:NL:RBARN:2012:BV3737
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering op betaling niet-gecompenseerde overuren bij horecaonderneming toegewezen
Eiser, werkzaam als chefkok bij de horecaonderneming, stelde dat hij in 2010 729 overuren had gemaakt die niet waren gecompenseerd. De kantonrechter stelde vast dat er binnen de onderneming sprake was van overwerk en dat het door de werkgever overgelegde urenoverzicht geen juist beeld gaf van de werkelijk gemaakte uren. Eiser leverde bewijs aan in de vorm van verklaringen van zijn leidinggevende en collega’s, waaruit bleek dat overuren niet werden gecompenseerd.
De werkgever betwistte de verklaringen en stelde dat deze niet onder ede waren afgelegd en onvoldoende betrouwbaar waren. De kantonrechter oordeelde echter dat de schriftelijke verklaringen voldoende bewijs vormden en wees het verweer van samenspanning af. Ook het argument dat eiser het saldo-overzicht voor akkoord had ondertekend, werd verworpen omdat het aannemelijk was dat eiser zich niet bewust was van afstand van zijn overuren.
Uiteindelijk werd de werkgever veroordeeld tot betaling van het loon over de niet-gecompenseerde overuren met toeslagen conform de Horeca CAO, een gematigde wettelijke verhoging van 25%, wettelijke rente vanaf 22 maart 2011, en buitengerechtelijke kosten. De proceskosten werden eveneens aan de zijde van eiser toegewezen.
Uitkomst: Werkgever wordt veroordeeld tot betaling van loon over 729 niet-gecompenseerde overuren met wettelijke verhoging, rente en buitengerechtelijke kosten.