ECLI:NL:RBARN:2012:BV1576
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.J.H. van Laethem
- A.M. van Gorp
- J.M.J.M. Doon
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring vordering herroeping voorwaardelijke invrijheidstelling wegens niet-onverwijlde indiening
De veroordeelde is bij onherroepelijk vonnis veroordeeld tot een gevangenisstraf van 20 maanden en voorwaardelijk in vrijheid gesteld met bijzondere voorwaarden. Het Openbaar Ministerie diende op 29 november 2011 een vordering in tot herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling wegens overtreding van deze voorwaarden.
De rechtbank hield openbare zittingen op 16 december 2011 en 18 januari 2012 waarin de ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie werd betwist. De raadsvrouw voerde aan dat de vordering niet onverwijld was ingediend, aangezien de proeftijd al op 21 juli 2011 eindigde en eerdere signalen en waarschuwingen dateren van maart tot mei 2011.
De rechtbank overwoog dat hoewel het begrip “onverwijld” ruim kan worden uitgelegd, de termijn van ruim zes maanden tussen de laatste waarschuwing en de indiening van de vordering te lang is. Hierdoor is het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard in de vordering tot herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling.
Uitkomst: Het Openbaar Ministerie is niet-ontvankelijk verklaard in de vordering tot herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling wegens het niet onverwijld indienen van de vordering.