ECLI:NL:RBARN:2011:BU5644
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken bewijs voorwaardelijk opzet bij poging tot doodslag partner
Op 12 september 2010 vond een incident plaats waarbij verdachte haar partner met een mes zou hebben gestoken tijdens een worsteling. Verdachte ontkent opzet en stelt dat het mes per ongeluk het slachtoffer raakte tijdens het terugpakken van het mes na een val. Het slachtoffer wilde geen verklaring afleggen en medische stukken ontbreken, waardoor de rechtbank vooral op de verklaring van verdachte is aangewezen.
De officier van justitie achtte het meer subsidiair tenlastegelegde bewezen en eiste een voorwaardelijke gevangenisstraf van vier maanden. De verdediging betoogde dat er geen bewijs was voor (voorwaardelijk) opzet en vorderde vrijspraak.
De rechtbank oordeelde dat niet wettig en overtuigend bewezen kon worden dat verdachte bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard het slachtoffer te verwonden. Door het ontbreken van een verklaring van het slachtoffer en medische stukken, en de onduidelijkheid over de feitelijke gang van zaken, sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlasteleggingen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van bewijs voor (voorwaardelijk) opzet bij poging tot doodslag.