ECLI:NL:RBARN:2011:BR0129
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank bevestigt leveringsovereenkomst ondanks geestelijke stoornis en wijst misbruik van omstandigheden af
In deze civiele zaak stond de geldigheid van overeenkomsten tot woningruil tussen eiser en gedaagde centraal, waarbij gedaagde zich beriep op een abnormale geestestoestand door gevolgen van meningitis in 2007. Diverse getuigenverklaringen en medische brieven bevestigden beperkingen in het geheugen en de executieve functies van gedaagde.
De rechtbank stelde vast dat gedaagde inderdaad een abnormale geestestoestand had, maar dat het niet zeker was of deze hem daadwerkelijk tot het sluiten van de overeenkomsten had bewogen. Cruciaal was of eiser hiervan op de hoogte was of dit had moeten begrijpen. De rechtbank concludeerde dat eiser dit niet wist of behoorde te weten, mede omdat gedaagde nog steeds plannen maakte en de indruk wekte zijn zaken zelf te regelen.
Het primaire verweer van gedaagde dat geen overeenkomst tot stand was gekomen, werd verworpen evenals het beroep op misbruik van omstandigheden. Eiser werd veroordeeld tot betaling van een nog nader te bepalen bedrag en gedaagde moet meewerken aan de levering van de onroerende zaken. De rechtbank wees ook een vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten af wegens onvoldoende onderbouwing.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep op vernietiging en misbruik van omstandigheden af en veroordeelt gedaagde tot medewerking aan levering.