ECLI:NL:RBARN:2011:BQ8538
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Nietigheid en vernietiging van borgtocht en pandrecht bij faillissement wegens strijd met art. 2:207c BW
De curator in het faillissement van [gefailleerde] stelt dat een constructie met borgtocht en pandrecht, bedoeld om vorderingen van de enig aandeelhouder [gedaagde sub 1] te innen, niet rechtsgeldig tot stand is gekomen en strijdig is met wettelijke bepalingen. De curator betoogt dat de verpanding en borgtocht niet geldig zijn, niet deugdelijk geregistreerd, en dat de borgtocht niet schriftelijk is vastgelegd zoals vereist. Tevens wordt aangevoerd dat de constructie in strijd is met art. 2:207c BW, omdat zekerheid is gesteld met het oog op de verkrijging van aandelen door Vewa Beheer, wat niet is toegestaan.
De aandelen van [gefailleerde] zijn verkocht aan Vewa Beheer, die tevens een vordering in rekening-courant van [gedaagde sub 1] op [gefailleerde] heeft gekocht. De curator betwist de geldigheid van de borgtocht en het pandrecht die als zekerheid dienen voor een lening van [gedaagde sub 1] aan Vewa Beheer. De curator vordert vernietiging van deze zekerheden en betaling van onverschuldigde bedragen. [gedaagde sub 1] vordert daarentegen een verklaring van rechtsgeldigheid en schadevergoeding wegens onrechtmatig handelen van de curator.
De rechtbank oordeelt dat de borgtocht schriftelijk is vastgelegd in de pandakte en daarmee voldoet aan art. 2:247 lid 1 BW Pro. Voor het pandrecht geldt dat registratie vereist is, maar bewijs daarvan is niet geleverd. De rechtbank gaat voorlopig uit van het bestaan van borgtocht en pandrecht, maar constateert dat de constructie vermoedelijk is gekozen om het risico van de solvabiliteit van [gefailleerde] te beperken, wat in strijd kan zijn met art. 2:207c BW. De rechtbank stelt partijen in de gelegenheid om nadere toelichting te geven op essentiële vragen over de constructie en de waarde van de vorderingen.
De zaak wordt aangehouden tot 15 juni 2011 voor het nemen van een akte door [gedaagde sub 1] en Vewa Beheer, waarna de curator kan reageren. De rechtbank houdt verdere beslissing aan en zal het geschil nader beoordelen na ontvangst van de aanvullende stukken.
Uitkomst: De rechtbank houdt de zaak aan voor nadere stukken en beoordeling over de geldigheid van borgtocht en pandrecht.