ECLI:NL:RBARN:2011:BQ4394
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Giftenaftrek vrijwilligersvergoeding en gelijkheidsbeginsel bij algemeen nut beogende instelling
Eiser en zijn partner verrichtten vrijwilligerswerk voor een algemeen nut beogende instelling ([A]) en ontvingen een vrijwilligersvergoeding die zij vervolgens als gift terugschonken. Voor het jaar 2006 stond de rechtbank op grond van het gelijkheidsbeginsel giftenaftrek toe omdat de Belastingdienst andere vrijwilligers niet navorderde. Voor 2007 werd geen aftrek toegestaan omdat geen sprake was van een reëel recht op vergoeding en geen begunstigend beleid was vastgesteld.
De rechtbank onderzocht de feiten, waaronder notulen waaruit bleek dat de vergoeding niet bedoeld was om te worden behouden, maar om giftenaftrek mogelijk te maken. Eiser kon niet aantonen dat hij daadwerkelijk recht had op uitbetaling van de vergoeding. De stichting had onvoldoende middelen om alle vergoedingen uit te betalen en vrijwilligers konden niet vrij over de vergoeding beschikken.
Het gelijkheidsbeginsel werd geschonden voor 2006 omdat de Belastingdienst bij sommige vrijwilligers navordering achterwege liet zonder objectieve rechtvaardiging, wat niet voor eiser gold. Voor 2007 was dit niet het geval. De rechtbank vernietigde de aanslagen en paste deze aan, inclusief vermindering van heffingsrente. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Voor 2006 wordt giftenaftrek op de vrijwilligersvergoeding toegestaan wegens schending van het gelijkheidsbeginsel; voor 2007 wordt geen aftrek toegestaan vanwege het ontbreken van een reëel recht op vergoeding.