ECLI:NL:RBARN:2011:BP9896
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- T.P.E.E. van Groeningen
- A.T.M. Vrijhoeven
- B.F.M. Klappe
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen wederrechtelijke vrijheidsberoving collega-militair aan boord marineschip
Op 30 juni 2010 hebben zeven mariniers aan boord van het marineschip Hr.Ms. Johan de Witt een collega-militair in de nachtelijke uren uit zijn bed getrokken, met kracht geboeid, een geblindeerde bril en oorkappen opgezet en zijn mond dichtgeplakt met tape. Vervolgens werd hij opgesloten in een kooi bestemd voor piraten, vastgemaakt aan de vloer en de kooi afgesloten met een ketting en tie-wrap.
De militaire kamer acht wettig en overtuigend bewezen dat deze handelingen wederrechtelijk waren en dat de verdachten willens en wetens de aanmerkelijke kans hebben aanvaard dat de vrijheidsberoving wederrechtelijk was. De verdediging voerde aan dat het een grap was, maar de kamer oordeelde dat de gedragingen de grenzen van toelaatbare grappen en het Wetboek van Strafrecht ernstig overschreden.
De verdachten droegen tijdens de actie gevechtstenues zonder herkenningstekens en bivakmutsen om ontdekking en bestraffing te voorkomen. Het slachtoffer voelde zich ernstig bedreigd, vernederd en heeft het Korps Mariniers inmiddels verlaten.
De militaire kamer veroordeelde de 29-jarige korporaal tot een werkstraf van 40 uur wegens het toelaten van de feiten door zijn minderen en de zes mariniers der 1e klasse tot een werkstraf van 30 uur. De werkstraffen moeten binnen een jaar na onherroepelijkheid worden voltooid, met vervangende hechtenis van 15 dagen bij niet-naleving.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 30 uur werkstraf, korporaal tot 40 uur werkstraf wegens medeplegen wederrechtelijke vrijheidsberoving.