ECLI:NL:RBARN:2011:BP6633
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geschil over dekking inboedelverzekering na brand en mogelijke brandstichting
Partijen zijn in geschil over de uitkering van een inboedelverzekering na een brand op 7 november 2007 in de woning van de verzekerde. De verzekeraar, RVS Schadeverzekering N.V., stelt dat de brand is veroorzaakt door brandstichting waarbij de verzekerde zelf op negatieve wijze betrokken was, en beroept zich op een uitsluitingsgrond in de polisvoorwaarden.
Uit onderzoek, onder andere door Interseco B.V., blijkt dat de brand is ontstaan in een kastje in het wandmeubel en dat er brandversnellende middelen (lampolie) zijn aangetroffen. De verzekerde ontkent betrokkenheid en wijst op het verlies van een sleutelbos met adreslabel, waardoor derden toegang tot de woning hadden. Tevens stelt hij dat sieraden zijn gestolen na de brand.
De rechtbank oordeelt dat de verzekeraar haar stelling van brandstichting en negatieve betrokkenheid voldoende heeft onderbouwd, maar dat de verzekerde tegenbewijs mag leveren. De verzekerde krijgt de gelegenheid bewijs te leveren omtrent de diefstal van sieraden en zijn onschuld. De beslissing over de uitkering wordt aangehouden totdat dit bewijs is geleverd.
Daarnaast wordt vastgesteld dat indien de verzekerde faalt in het tegenbewijs, hij toerekenbaar tekortschiet in de nakoming van de verzekeringsovereenkomst en de verzekeraar recht heeft op vergoeding van haar onderzoekskosten. De procedure wordt voortgezet met een getuigenverhoor en verdere bewijslevering.
Uitkomst: De rechtbank staat de verzekerde toe tegenbewijs te leveren en houdt verdere beslissing aan.