ECLI:NL:RBARN:2011:BP6156
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding wegens ontbreken causaal verband spierbevangenheid paard
De rechtbank Arnhem heeft op 16 februari 2011 uitspraak gedaan in een zaak waarin eiseres schadevergoeding vorderde vanwege spierbevangenheid bij haar paard, dat uiteindelijk euthanasie onderging. De rechtbank benoemde een deskundige die onderzocht of het voer in combinatie met de hoeveelheid beweging de oorzaak was van de spierbevangenheid. Uit het deskundigenrapport bleek dat het paard ruim boven de norm gevoerd werd, maar dat dit niet met zekerheid de oorzaak was van de spierbevangenheid, aangezien ook andere factoren een rol kunnen spelen en spierbevangenheid soms zonder aanwijsbare oorzaak optreedt.
Eiseres stelde dat er sprake was van een causaal verband en beroept zich op het Nefalit-Karamus-arrest om de bewijslast te laten omkeren. De rechtbank oordeelde echter dat het enkele feit dat het voer en de arbeid een beperkte rol speelden onvoldoende is om een condicio-sine-qua-non-verband aan te nemen. Bovendien was niet vastgesteld dat sprake was van een normschending door gedaagden.
De rechtbank verwees naar een recenter arrest van de Hoge Raad waarin werd geoordeeld dat de terughoudendheid bij het aannemen van condicio-sine-qua-non-verband bij vermogensschade en de aard van de normschending in deze zaak toepassing vindt. Omdat het causaal verband ontbrak, werd niet toegekomen aan de toerekening. De vordering werd afgewezen en eiseres werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot schadevergoeding wordt afgewezen wegens ontbreken van causaal verband tussen het handelen van gedaagden en de spierbevangenheid van het paard.