ECLI:NL:RBARN:2010:BP1806
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Toewijzing vordering voortzetting behandeling met infliximab bij Crohn-patiënt
Eiseres lijdt aan de ziekte van Crohn en wordt al vijf jaar succesvol behandeld met het geneesmiddel infliximab. Het Radboud Ziekenhuis wil de behandeling wijzigen naar adalimumab, een ander TNF-a-remmer, wat eiseres weigert vanwege het ontbreken van wetenschappelijk bewijs voor een veilige en effectieve overstap.
Eiseres vordert in kort geding dat VGZ en de Stichting Radboud Ziekenhuis worden veroordeeld om de behandeling met infliximab voort te zetten. VGZ erkent haar zorgplicht en steunt de vordering, terwijl de Stichting stelt dat adalimumab medisch gelijkwaardig is en voordelen biedt, zoals toediening thuis en minder infectierisico.
De rechtbank oordeelt dat het belang van eiseres bij voortzetting van de succesvolle behandeling met infliximab zwaarder weegt dan het belang van de Stichting bij wijziging. Er is onvoldoende medisch bewijs om de overstap te rechtvaardigen. Daarom wordt VGZ veroordeeld tot nakoming van haar zorgplicht en de Stichting om de behandeling voort te zetten, met een uitvoerbaar bij voorraad vonnis.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt VGZ en de Stichting tot voortzetting van de behandeling met infliximab uiterlijk 29 december 2010 zolang medisch geïndiceerd.