ECLI:NL:RBARN:2010:BP0290
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.C.A Walda
- Rechtspraak.nl
Rechtbank Arnhem beslist over grensgeschil en verjaring eigendom perceel
In deze zaak bij de rechtbank Arnhem staat een grensgeschil tussen buren centraal. De partijen zijn het eens over de kadastrale grens, maar verschillen over de feitelijke ligging van de erfafscheiding. Beide partijen beroepen zich op bevrijdende verjaring voor een strook grond naast de erfafscheiding.
Eiser vordert onder meer de vaststelling van de erfgrens, eigendom van een strook grond door verjaring, ontruiming van perceelsdelen door gedaagde en proceskostenvergoeding. Gedaagde vordert onder meer eigendom van een deel van de percelen door verjaring en diverse veroordelingen met betrekking tot de erfafscheiding.
De rechtbank oordeelt dat de feitelijke macht over het betwiste stukje grond niet ondubbelzinnig wijst op bezit als eigenaar, mede omdat er mogelijk afspraken zijn gemaakt over de erfafscheiding. Hierdoor wordt het bezitvereiste voor verjaring niet vervuld en wordt de vordering van gedaagde tot eigendom door verjaring afgewezen. De vorderingen van eiser tot ontruiming worden toegewezen met een gematigde dwangsom. De overige vorderingen, waaronder die over de erfafscheiding en kostenverdeling, worden afgewezen. De proceskosten worden deels gecompenseerd, waarbij gedaagde in reconventie wordt veroordeeld in de kosten.
Uitkomst: De rechtbank stelt de erfgrens vast en veroordeelt gedaagde tot ontruiming van de betwiste percelen, terwijl de vorderingen van gedaagde tot eigendom door verjaring worden afgewezen.