ECLI:NL:RBARN:2010:BN9225
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling vordering wegens uitgevoerde reisopdracht ondanks betwisting vertegenwoordigingsbevoegdheid
Eiser exploiteert een personenbus en vordert betaling van Lever Reizen voor meerdere uitgevoerde reisopdrachten, waaronder een factuur van 30 juli 2002 ter hoogte van €5.435,70. Lever Reizen betwist haar partij zijn bij de overeenkomst en stelt subsidiair dat de factuur te hoog is.
De rechtbank overweegt dat betrokkene, die de reisopdracht namens Lever Reizen gaf, gebruik maakte van briefpapier met het Lever Reizen-briefhoofd en dat Lever Reizen eerder soortgelijke opdrachten via betrokkene heeft betaald. Hierdoor mocht eiser vertrouwen op vertegenwoordigingsbevoegdheid, ondanks dat betrokkene formeel niet bevoegd was.
Het verweer dat de factuur te hoog zou zijn, wordt verworpen omdat Lever Reizen pas na ruim zeven jaar bezwaar maakte en eerder geen protesten tegen het bedrag heeft geuit. Lever Reizen wordt veroordeeld tot betaling van de hoofdsom, rente en proceskosten. Het vonnis is gewezen door mr. O. Nijhuis en op 8 september 2010 uitgesproken.
Uitkomst: Lever Reizen wordt veroordeeld tot betaling van €5.435,70 met rente en proceskosten.