ECLI:NL:RBARN:2010:BN8308
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geschil over de contractspartij bij huurovereenkomst kantoorruimte
Op 17 januari 2002 werd een huurovereenkomst gesloten voor kantoorruimte tussen Strijland Vastgoed B.V. als verhuurder en Topwood B.V. als huurder. De huurperiode liep van 1 april 2002 tot 1 april 2007 en werd verlengd tot 2012. Na een activa/passiva transactie in 2007 wijzigde Topwood B.V. haar naam in Boschrijck B.V., die vervolgens fuseerde met Bon Coeur Beheer B.V.
Strijland stelde dat Bon Coeur Beheer B.V. als opvolger van Boschrijck Holding B.V. huurder was en vorderde betaling van achterstallige huur en boetes. Bon Coeur Beheer B.V. betwistte dit en stelde dat Topwood B.V./Boschrijck B.V. de huurder was, niet zijzelf.
De kantonrechter beoordeelde de huurovereenkomst, de uitvoering daarvan en correspondentie. Uit de overeenkomst en feitelijke uitvoering bleek dat Topwood B.V. als huurder diende te worden beschouwd. Het vermelde KvK-nummer behoorde niet tot de huurder, maar dat was niet doorslaggevend. De huurpenningen werden tot augustus 2008 aan Topwood B.V. gefactureerd en betaald. Correspondentie en onderhuur bevestigden niet dat Bon Coeur Beheer B.V. als huurder moest worden gezien.
De vordering van Strijland werd afgewezen en zij werd veroordeeld in de proceskosten. Bon Coeur Beheer B.V. kreeg een punt toegekend vanwege het terugtreden van haar voormalige gemachtigde voor de comparitie.
Uitkomst: De vordering van Strijland wordt afgewezen omdat Bon Coeur Beheer B.V. niet als huurder onder de huurovereenkomst kan worden beschouwd.