ECLI:NL:RBARN:2009:BK1769
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bewijsopdracht stuiting verjaring in geschil over eigendomsoverdracht fabriekscomplex
In deze civiele zaak tussen Roomboterfabriek DBB en diverse vennootschappen van Rath & Doodeheefver staat centraal of de verjaring van vorderingen omtrent de eigendomsoverdracht van een fabriekscomplex is gestuit. De rechtbank had in een tussenvonnis geoordeeld dat de vorderingen verjaard zijn, maar Roomboterfabriek DBB bracht een brief uit 1999 in die mogelijk de verjaring stuit.
De rechtbank stelt dat, gezien het belang van de stuiting, zij niet kan voortgaan op eerdere beslissingen als er een reële mogelijkheid is dat de verjaring wel is gestuit. Daarom wordt aan Roomboterfabriek DBB de bewijsopdracht gegeven dat zij de brief destijds aan Rath & Doodeheefver B.V. heeft verzonden en dat deze is ontvangen. Indien dit bewijs slaagt, zal de rechtbank de eerdere beslissingen heroverwegen.
De procedure omvatte een comparitie en de aanwijzing van een rechter-commissaris voor getuigenverhoor. Verder werden termijnen gesteld voor het aanleveren van bewijsstukken en het melden van getuigen. De rechtbank houdt alle verdere beslissingen aan totdat dit bewijs is geleverd en beoordeeld.
Uitkomst: De rechtbank draagt eiseres op te bewijzen dat de brief van 25 juni 1999 is verzonden en ontvangen, en houdt verdere beslissingen aan totdat dit bewijs is geleverd.