ECLI:NL:RBARN:2009:BJ7872
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.C.G.J. van Well
- A.M.F. Geerling
- A.I. van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Beoordeling naheffingsaanslag overdrachtsbelasting bij verkrijging economische eigendom onroerende zaak
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen een naheffingsaanslag overdrachtsbelasting opgelegd door verweerder, omdat zij stelt dat de economische eigendom van de onroerende zaak pas is verkregen bij de juridische levering op 30 januari 2003. Verweerder stelt dat de economische eigendom reeds op 3 januari 2003 is overgegaan, voorafgaand aan de juridische levering.
De rechtbank onderzoekt de koopovereenkomst van 11 november 2002 en concludeert dat de onroerende zaak bestond uit ondergrond met opstallen en een opstalrecht, en dat de juridische levering pas na sloop van de opstallen zou plaatsvinden. De rechtbank stelt vast dat het risico van waardeverandering en het recht op levering vanaf het sluiten van de koopovereenkomst bij eiseres berust. Tevens is op 3 januari 2003 een notariële volmacht verstrekt en een hypotheek gevestigd, waardoor de economische eigendom uiterlijk op die datum is verkregen.
Omdat op 3 januari 2003 nog geen sprake was van een nieuw vervaardigde onroerende zaak zoals bedoeld in de Wet op de omzetbelasting, is de vrijstelling van artikel 15, eerste lid, onderdeel a, Wet BRV niet van toepassing. De rechtbank ziet geen aanleiding de zaak aan te houden voor prejudiciële vragen en wijst het beroep af. De naheffingsaanslag is terecht opgelegd en de maatstaf van heffing is correct vastgesteld op de koopprijs.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de economische eigendom uiterlijk op 3 januari 2003 is verkregen, waardoor de vrijstelling overdrachtsbelasting niet van toepassing is.