ECLI:NL:RBARN:2009:BJ4955

Rechtbank Arnhem

Datum uitspraak
22 juli 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
169372
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering EIT Exploitatie en niet-ontvankelijkheid Arcadis Nederland in reconventie

In deze civiele procedure stond centraal de vraag of Arcadis Nederland partij was in een procedure voor het Superior Court of New Jersey tussen Geo Cleanse en diverse Arcadis-vennootschappen. Arcadis Nederland bracht een 'ruling' in het geding waaruit bleek dat het Amerikaanse hof had beslist dat zij partij was in die procedure.

De rechtbank stelde vast dat Arcadis Nederland inderdaad partij was bij de procedure in New Jersey, hetgeen door EIT Exploitatie niet was betwist. Op grond hiervan werd het verrekeningsverweer van Arcadis Nederland gegrond verklaard en de vordering van EIT Exploitatie afgewezen.

In reconventie werd Arcadis Nederland niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering, conform het tussenvonnis van 15 april 2009. Beide partijen werden veroordeeld in de proceskosten, waarbij de kosten aan de zijde van Arcadis Nederland en EIT Exploitatie afzonderlijk werden begroot en toegewezen.

De uitspraak werd gedaan door rechter O. Nijhuis op 22 juli 2009 en betreft een afwijzing van de hoofdvordering en niet-ontvankelijkheid in reconventie, met een duidelijke toewijzing van de proceskosten aan beide zijden.

Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van EIT af en verklaart Arcadis Nederland niet-ontvankelijk in haar reconventionele vordering, met veroordeling in de proceskosten.

Uitspraak

vonnis
RECHTBANK ARNHEM
Sector civiel recht
zaaknummer / rolnummer: 169372 / HA ZA 08-688
Vonnis van 22 juli 2009
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
EIT EXPLOITATIE MAATSCHAPPIJ B.V.,
gevestigd te Nijmegen,
eiseres in conventie,
verweerster in reconventie,
advocaat mr. P.M. Wilmink te Arnhem,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
ARCADIS NEDERLAND B.V.,
gevestigd te Arnhem,
gedaagde in conventie,
eiseres in reconventie,
advocaat mr. F.A.M. Knüppe te Arnhem.
Partijen zullen hierna EIT en Arcadis Nederland genoemd worden.
1. De procedure
1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 15 april 2009
- de akte overlegging producties van Arcadis
- de akte houdende producties van EIT
1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.
2. De verdere beoordeling
in conventie
2.1. Bij genoemd tussenvonnis van 15 april 2009 heeft de rechtbank de zaak naar de rol verwezen voor akte aan de zijde van Arcadis Nederland teneinde haar in de gelegenheid te stellen de “ruling” als bedoeld in r.ov. 4.3 van dat tussenvonnis in het geding te brengen. Deze “ruling” betreft de beslissing waarbij, zoals Arcadis Nederland stelt, het Superior Court of New Jersey heeft beslist dat Arcadis Nederland partij is in de procedure tussen Geo Cleanse als eiseres en In-Situ Technieken B.V. en Arcadis-vennootschappen, waaronder Arcadis Nederland, als gedaagden.
2.2. Arcadis Nederland heeft bij haar genoemde akte stukken in het geding gebracht ter onderbouwing van haar stelling dat Arcadis Nederland partij was in die procedure. Onder verwijzing daarnaar heeft Arcadis Nederland gesteld dat het New Jersey State Court (bedoeld zal zijn: het Superior Court of New Jersey) op 6 juni 2008 de “Motion to Dismiss” van Arcadis N.V. heeft afgewezen en de “Notice of Cross-Motion” van Geo-Cleanse heeft toegewezen en dat daarmee vast stond dat Geo Cleanse werd toegestaan om haar “Amended Complaint” te wijzigen teneinde haar eis tegen specifieke (en specifiek genoemde) Arcadis-groepsmaatschappijen, waaronder Arcadis Regio/Arcadis Nederland, te richten. Vervolgens heeft Geo-Cleanse op 12 juli 2008 een “Second Amended Complaint” ingediend, waarbij zij haar vorderingen mede richtte tegen Arcadis Nederland.
2.3. Dit alles is onweersproken gebleven en staat daarmee vast, waarmee naar het oordeel van de rechtbank vaststaat dat Arcadis Nederland partij was bij de procedure in New Jersey.
2.4. Het verrekeningsverweer is dus, zoals voor dat geval in het tussenvonnis van 15 april 2009, r.ov. 4.17, reeds is overwogen, gegrond.
2.5. De vordering zal worden afgewezen. EIT zal worden veroordeeld in de kosten van dit geding, gevallen aan de zijde van Arcadis Nederland en tot aan dit vonnis begroot op
€ 2.910,00 wegens vast recht en € 3.552,50 (tarief V, 2½ punt) wegens salaris advocaat.
Ook de gevorderde nakosten en de rente daarover zijn toewijsbaar als hierna omschreven.
in reconventie
2.6. Zoals reeds is beslist in het tussenvonnis van 15 april 2009, r.ov. 4.19, zal Arcadis Nederland in haar vordering niet-ontvankelijk worden verklaard. Arcadis Nederland zal worden veroordeeld in de kosten van dit geding, gevallen aan de zijde van EIT en tot aan dit vonnis begroot op € 3.211,00 (tarief VII, 2 punten x 50%)
3. De beslissing
De rechtbank
in conventie
3.1. wijst de vordering af,
3.2. veroordeelt EIT in de kosten van dit geding, gevallen aan de zijde van Arcadis Nederland en tot aan dit vonnis begroot op € 6.462,50, vermeerderd met de nakosten ten bedrage van € 131,00 zonder betekening dan wel € 199,00 in geval van betekening, een en ander te voldoen binnen 14 dagen na betekening van dit vonnis en – voor het geval voldoening van deze genoemde kosten niet binnen de gestelde termijn plaatsvindt – te vermeerderen met de wettelijke rente over die kosten te rekenen vanaf de bedoelde termijn voor voldoening tot de dag der voldoening,
in reconventie
3.3. verklaart Arcadis Nederland in haar vorderingen niet-ontvankelijk,
3.4. veroordeelt Arcadis Nederland in de kosten van dit geding, gevallen aan de zijde van EIT en tot aan dit vonnis begroot op € 3.211,00.
Dit vonnis is gewezen door mr. O. Nijhuis en in het openbaar uitgesproken op 22 juli 2009.