ECLI:NL:RBARN:2009:BJ4763
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- E. Klein Egelink
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit over Wmo-voorziening wegens onbevoegdheid en onvoldoende onderzoek mantelzorg
Eiseres, mantelzorger voor haar oudste dochter, ontving op grond van de AWBZ 12 uur ondersteunende begeleiding per week en vroeg verlenging van hulp bij het huishouden. Verweerder kende haar op basis van de Wmo slechts 3 uur huishoudelijke hulp toe voor drie maanden, met het standpunt dat eiseres niet tot de Wmo-doelgroep behoort en dat AWBZ-zorg als voorliggende voorziening geldt.
De rechtbank stelde vast dat het besluit namens verweerder was ondertekend door een wethouder die daartoe niet bevoegd was, omdat de mandatering niet schriftelijk was vastgelegd zoals vereist in artikel 10:5 Awb Pro. Dit maakte het besluit onbevoegd genomen en vernietigbaar.
Daarnaast oordeelde de rechtbank dat verweerder onvoldoende onderzoek had gedaan naar de vraag of de zorg die eiseres verleent mantelzorg is die de gebruikelijke zorg overstijgt en of extra ondersteuning via de stichting voor mantelzorgers aan eiseres kan worden geboden. Ook was onduidelijk of de AWBZ-voorziening daadwerkelijk als voorliggende voorziening geldt.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat verweerder een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van de gemeente Rijnwaarden wordt vernietigd wegens onbevoegdheid en onvoldoende onderzoek, met de verplichting tot een nieuw besluit en vergoeding van proceskosten.