ECLI:NL:RBARN:2009:BJ4310
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- C. van Linschoten
- E. Klein Egelink
- W.H.A.C.M. Bouwens
- Rechtspraak.nl
Uitleg dienstbetrekking in artikel 79 WW voor overheidswerknemers
De zaak betreft een geschil tussen de gemeente Neder-Betuwe en het UWV over de uitleg van artikel 79 van Pro de Werkloosheidswet (WW) in relatie tot de dienstbetrekking van een overheidswerknemer die een WW-uitkering ontvangt.
De gemeente betwist dat zij als overheidswerkgever kan worden aangemerkt voor de dienstbetrekking uit hoofde waarvan de werknemer de uitkering ontvangt, omdat de werknemer minder dan 26 weken in dienst was, terwijl artikel 17 WW Pro een referte-eis van 26 weken stelt voor recht op uitkering.
De rechtbank stelt dat artikel 17 WW Pro geen relatie legt tussen het aantal gewerkte weken en de duur van de dienstbetrekking waarop de uitkering is gebaseerd. De dienstbetrekking uit hoofde waarvan de uitkering wordt ontvangen, is de dienstbetrekking waarin de werknemer onmiddellijk voorafgaand aan het intreden van de werkloosheid werkzaam was.
De rechtbank baseert dit op de systematiek van de WW, de wetgevingssystematiek van de Wet financiering sociale verzekeringen (Wfsv) en de taalkundige betekenis van 'uit hoofde van'. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de gemeente wordt gehouden tot betaling aan het Uitvoeringsfonds voor de Overheid.
Uitkomst: Het beroep van de gemeente Neder-Betuwe wordt ongegrond verklaard en zij blijft verantwoordelijk voor de WW-uitkeringslasten.