ECLI:NL:RBARN:2009:BJ2287
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.A.A.M. Pfeil
- T.P.E.E. van Groeningen
- J.P.M. Schwillens
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak militair van ontucht met minderjarige dochter wegens ontbreken wettig bewijs
De rechtbank Arnhem heeft op 13 juli 2009 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen een 49-jarige militair die werd beschuldigd van ontucht met zijn minderjarige dochter in de periode 1990-1996. De officier van justitie eiste vrijspraak vanwege inconsistenties in de verklaringen van het slachtoffer en het ontbreken van voldoende ondersteunend bewijs.
Tijdens de zittingen op 10 maart 2008 en 29 juni 2009 verschenen verdachte en zijn raadsman, die eveneens vrijspraak vorderde. De verdediging benadrukte de inconsistenties in de verklaringen van het slachtoffer en het ontbreken van overtuigend bewijs, waaronder getuigenverklaringen die slechts indirect waren en brieven en e-mails van het slachtoffer aan verdachte waarin genegenheid bleek.
De militaire kamer oordeelde dat het wettig en overtuigend bewijs ontbrak om verdachte schuldig te verklaren. De verklaringen van het slachtoffer waren op belangrijke punten tegenstrijdig, met name over de aard, frequentie en periode van het vermeende misbruik. Ook de brieven en e-mails werden door het slachtoffer inconsistent toegelicht. Andere bewijsmiddelen ter ondersteuning ontbraken. Daarom werd verdachte vrijgesproken van het tenlastegelegde.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs van ontucht.