ECLI:NL:RBARN:2009:BI7164
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid bestuurder wegens nietige schuldoverneming en kennelijk onbehoorlijk bestuur in faillissement
De curator in het faillissement van een besloten vennootschap vordert hoofdelijk aansprakelijkheid van twee gedaagden voor het tekort in het faillissement. Kern van het geschil is de vraag of de schuldoverneming van een schuld van een bestuurder aan de vennootschap rechtsgeldig heeft plaatsgevonden. De rechtbank oordeelt dat de vereiste schriftelijke toestemming van de schuldeiser ontbrak, waardoor de schuldoverneming nietig is.
Daarnaast stelt de curator dat sprake is van kennelijk onbehoorlijk bestuur vanwege het niet deponeren van jaarrekeningen, het ontbreken van een administratie en de wijze van schuldoverneming. De rechtbank neemt aan dat de bestuurder voldoende heeft betwist dat hem dit kan worden toegerekend en wijst dit deel van de vordering af. Tegen een van de gedaagden wordt verstek verleend en deze wordt aansprakelijk gesteld voor het gehele boedeltekort.
De rechtbank veroordeelt de gedaagden tot betaling van het tekort en proceskosten, wijst beslagkosten toe en verklaart de vorderingen uitvoerbaar bij voorraad. Het vonnis is gewezen door rechter G.J. Meijer en op 20 mei 2009 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De schuldoverneming is nietig verklaard en de gedaagden zijn hoofdelijk veroordeeld tot betaling van het boedeltekort en proceskosten.