ECLI:NL:RBARN:2009:BI1636
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtmatigheid en compensatie overplaatsing ambtenaar wegens verstoorde arbeidsrelatie
Eiser, een ambtenaar werkzaam bij het Ministerie van VROM, werd wegens een verstoorde arbeidsrelatie met zijn leidinggevende tijdelijk overgeplaatst van Arnhem naar Den Haag voor de periode van 17 mei 2005 tot 17 mei 2006. Verweerder kende slechts gedeeltelijke reistijdcompensatie toe en verklaarde het bezwaar van eiser over de periode tot 1 oktober 2005 ongegrond.
De rechtbank oordeelt dat verweerder onvoldoende heeft aangetoond dat de verstoorde arbeidsrelatie in overwegende mate aan eiser is toe te rekenen. Hierdoor had verweerder eiser volledig moeten compenseren voor de extra reistijd als gevolg van de overplaatsing. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit voor zover daarin geen volledige reistijdcompensatie is toegekend en bepaalt dat eiser recht heeft op 69 verlofdagen compensatie.
Daarnaast wijst de rechtbank het verzoek van eiser om aanvullende schadevergoeding af, omdat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij daadwerkelijk schade heeft geleden. De rechtbank veroordeelt verweerder wel tot vergoeding van de proceskosten van €644 en het griffierecht van €143. De uitspraak geldt voor de periode 17 mei 2005 tot 17 mei 2006 en vervangt het bestreden besluit.
Uitkomst: Eiser wordt volledig gecompenseerd voor extra reistijd met 69 verlofdagen over de periode 17 mei 2005 tot 17 mei 2006.