ECLI:NL:RBARN:2008:BM3088
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opleidingskosten paardentandheelkunde niet aftrekbaar als ondernemingskosten
Eiser, samen met zijn echtgenote werkzaam in een tandartspraktijk, volgde vanaf 2002 een opleiding paardentandheelkunde in de Verenigde Staten. Hij bracht de kosten van deze opleiding ten laste van zijn winst uit onderneming en claimde daarnaast scholingsaftrek. Verweerder corrigeerde de aangifte en legde een hogere aanslag IB/PVV op.
De rechtbank beoordeelde of verweerder een toezegging had gedaan waaruit eiser in redelijkheid vertrouwen kon putten dat de opleidingskosten aftrekbaar waren. Eiser slaagde niet in zijn bewijslast voor deze toezegging. Vervolgens oordeelde de rechtbank dat de opleidingskosten niet als ondernemingskosten konden worden aangemerkt omdat zij niet dienden ter instandhouding van reeds verworven vakkennis, maar tot een uitbreiding van vakbekwaamheid leidden.
Daarnaast stelde de rechtbank vast dat in 2002 de paardentandheelkundige activiteiten nog geen zelfstandige bron van inkomen vormden, omdat er nog geen deelname aan het economische verkeer was en het oogmerk en de redelijke verwachting van voordeel niet voldoende waren. Op grond hiervan werd het beroep van eiser ongegrond verklaard en werd de aanslag gehandhaafd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaaft de aanslag inkomstenbelasting 2002.