ECLI:NL:RBARN:2008:BG9228
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- N.W. Huijgen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzet tegen dwangbevelen en invorderingsmaatregelen belastingaanslagen
Eisers, bestaande uit vier betrokkenen met zakelijke en persoonlijke banden, hadden over de jaren 2000 tot en met 2003 geen belastingaangiften ingediend. De Inspecteur legde daarop ambtshalve aanslagen op en startte invorderingsmaatregelen, waaronder beslaglegging. Eisers stelden dat de Inspecteur onvoldoende marginaal had getoetst of de aanslagen terecht waren en dat de algemene beginselen van behoorlijk bestuur waren geschonden.
De rechtbank oordeelde dat het onderzoek van de Inspecteur, uitgevoerd door een controlemedewerker, voldeed aan de vereiste marginale toets en dat de administraties van eisers onvoldoende betrouwbaar waren als basis voor belastingaangiften. De Inspecteur had de verzoeken tot ambtshalve vermindering gemotiveerd afgewezen en handelde niet in strijd met het motiveringsbeginsel of het verbod op willekeur.
Ook de stelling dat de invordering onevenredig hard zou zijn voor de gezinnen van eisers werd verworpen. De rechtbank benadrukte het zwaarwegende belang van belastinginvordering en concludeerde dat de invorderingsmaatregelen gerechtvaardigd waren. Het verzet werd ongegrond verklaard en eisers werden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzet tegen de dwangbevelen wordt ongegrond verklaard en de vorderingen van eisers worden afgewezen.