ECLI:NL:RBARN:2008:BG4176
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- L. van Gijn
- G.H.W. Bodt
- C. van Linschoten
- Rechtspraak.nl
Afwijzing openbaarmaking functie-enquêteformulieren op grond van Wob
Eiser verzocht het UWV om openbaarmaking van functie-enquêteformulieren en mutaties daarop op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Het UWV weigerde dit, stellende dat de formulieren persoonlijke beleidsopvattingen bevatten en bedoeld zijn voor intern beraad.
De rechtbank bevestigde dat het recht op openbaarmaking uitsluitend het publieke belang bij een goede en democratische bestuursvoering dient en niet het individuele belang van de verzoeker. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat het recht op openbaarmaking niet afhankelijk is van de persoon of het oogmerk van de verzoeker.
Eiser weigerde toestemming te geven voor kennisneming van vertrouwelijke stukken door de rechtbank, waardoor deze uit moest gaan van het standpunt van verweerder dat de formulieren persoonlijke beleidsopvattingen bevatten. De rechtbank oordeelde dat openbaarmaking zou leiden tot een onvolledig en vertekend beeld en een onevenredige benadeling van belangen.
Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard. De rechtbank wees ook het beroep op het EVRM af, stellende dat de procedure met vertrouwelijke stukken binnen de wettelijke waarborgen valt. De uitspraak bevestigt het belang van bescherming van interne beleidsdocumenten en het publieke belang bij bestuursvoering boven individuele belangen.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering tot openbaarmaking van functie-enquêteformulieren wordt ongegrond verklaard.