ECLI:NL:RBARN:2008:BD7660
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.G.A. Nijmeijer
- S.W. van Osch
- M. Groverman
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke vernietiging bouwvergunning wegens onjuiste vrijstelling en onvoldoende inzage bodemonderzoek
De rechtbank Arnhem heeft bij uitspraak van 18 juli 2008 de beroepen gegrond verklaard tegen besluiten van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Maasdriel, die bouwvergunningen met vrijstelling op grond van artikel 19, tweede lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening (WRO) hadden verleend.
De rechtbank oordeelde dat verweerder onjuist had gehandeld door alleen de gemeentelijke kosten mee te nemen in de beoordeling van de economische uitvoerbaarheid, zonder inzicht in de exploitatieopzet van de vergunninghouder. Hierdoor was de ruimtelijke onderbouwing ondeugdelijk. Tevens was niet gebleken dat het project binnen het stedelijk gebied lag zoals vereist volgens de provinciale vrijstellingslijst en de Beleidskaart ruimtelijke structuur.
Verder stelde de rechtbank vast dat de stukken met betrekking tot het verkennend bodemonderzoek niet met het ontwerpbesluit ter inzage waren gelegd, wat in strijd was met artikel 3:11 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De stukken waren wel redelijkerwijs nodig voor de beoordeling van het besluit, waardoor belanghebbenden niet in staat waren zich een volledig oordeel te vormen.
De rechtbank vernietigde de bestreden besluiten en veroordeelde verweerder in de proceskosten van eisers sub 1. Verweerder werd opgedragen opnieuw te beslissen, waarbij onder meer moet worden bezien of vrijstelling op grond van artikel 19, eerste lid, van de WRO passend is.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de bouwvergunningen wegens onjuiste vrijstelling en onvoldoende terinzagelegging van bodemonderzoek en beveelt hernieuwde besluitvorming.