ECLI:NL:RBARN:2007:BI0215
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.C.G.J. van Well
- Rechtspraak.nl
Naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en boete deels vernietigd en verminderd
Eiser is sinds 7 oktober 2005 houder van een Saab-auto die vanaf die datum was geschorst. Op 23 juni 2006 werd vastgesteld dat de auto tijdens de schorsing op de openbare weg werd gebruikt. Verweerder legde daarop een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting op over de periode 7 oktober 2005 tot en met 2 augustus 2006, en een boete van gelijke hoogte. Eiser betwistte de periode waarover de naheffing werd berekend en stelde dat deze beperkt moest worden tot 10 mei 2006 tot 26 juni 2006 vanwege een defect en verzekeringsdatum.
De rechtbank oordeelde dat de naheffingsaanslag terecht over het gehele tijdvak was opgelegd, omdat de wet geen ruimte biedt voor vermindering op grond van beperkt gebruik. De boete werd echter als disproportioneel beoordeeld, mede vanwege de gasinstallatie in de auto die tot een hoge naheffing leidde. De rechtbank matigde de boete tot 50% van het oorspronkelijke bedrag, €352.
Daarnaast werd het beroep tegen de naheffingsaanslag ongegrond verklaard, terwijl het beroep tegen de boete gegrond werd verklaard. De uitspraak op bezwaar betreffende de boete werd vernietigd en vervangen door deze uitspraak. Tevens werd het betaalde griffierecht aan eiser vergoed.
Uitkomst: Naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting wordt gehandhaafd, boete wordt gematigd tot €352.