ECLI:NL:RBARN:2007:BH0303
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid voor naheffingsaanslagen omzetbelasting fiscale eenheid bevestigd
Eiser, enig aandeelhouder van een BV die deel uitmaakte van een fiscale eenheid voor de omzetbelasting, werd aansprakelijk gesteld voor naheffingsaanslagen omzetbelasting die aan de fiscale eenheid waren opgelegd. De naheffingsaanslagen betroffen perioden na een aandelenoverdracht waarbij eiser niet schriftelijk de inspecteur informeerde over het einde van de fiscale eenheid.
De rechtbank oordeelt dat op grond van artikel 43 van Pro de Invorderingswet 1990 eiser hoofdelijk aansprakelijk blijft zolang de inspecteur niet schriftelijk is geïnformeerd over het einde van de fiscale eenheid. De stelling van eiser dat de fiscale eenheid slechts interne werking heeft en dat de naheffingsaanslagen aan de verkeerde belastingplichtige zijn opgelegd, faalt.
Eiser voerde aan dat de aansprakelijkstelling in strijd is met de Zesde Richtlijn en verwees naar een arrest van de Hoge Raad uit 2005, maar de rechtbank acht dit arrest niet relevant voor de onderhavige zaak. Ook de boete, rente en kosten zijn terecht aan eiser opgelegd. Omdat de aandelenoverdracht niet volledig is onderbouwd, wordt ervan uitgegaan dat de fiscale eenheid voortduurde. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Eiser is terecht hoofdelijk aansprakelijk gesteld voor de naheffingsaanslagen omzetbelasting en bijbehorende boete, rente en kosten.