ECLI:NL:RBARN:2007:BB6983
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. A. van Schagen
- Rechtspraak.nl
Meerderjarige dochter heeft geen aanspraak op rechtsbijstand via toevoeging moeder
Eiseres, meerderjarige dochter, verzocht om rechtsbijstand bij procedures tegen de weigering van een verblijfsvergunning. De Raad voor Rechtsbijstand wees haar aanvraag af omdat reeds toevoegingen aan haar moeder waren verleend voor dezelfde zaak. Verweerder stelde dat één beslissing van de IND slechts éénmaal beroep toelaat en dat de toevoeging aan de moeder ook voor eiseres zou gelden.
De rechtbank oordeelde dat eiseres sinds haar meerderjarigheid een zelfstandige rechtspositie heeft en niet kan worden vertegenwoordigd door haar moeder. De artikelen 28 en 32 van de Wet op de rechtsbijstand bieden geen grondslag voor het verlenen van rechtsbijstand aan eiseres op basis van de toevoegingen aan haar moeder. Jurisprudentie bevestigt dat meerdere toevoegingen slechts aan dezelfde rechtzoekende kunnen worden verstrekt bij diversiteit van rechtsbelangen of procedures.
Omdat eiseres en haar moeder niet dezelfde rechtzoekende zijn, is de weigering van de aanvraag onterecht. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en beveelt een nieuwe beslissing. Proceskosten van €322 worden aan eiseres toegekend, evenals vergoeding van griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd; de Raad voor Rechtsbijstand moet een nieuwe beslissing nemen.