ECLI:NL:RBARN:2007:BB2426
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.I.W.M. Bartelds
- Rechtspraak.nl
Verdeling goederengemeenschap en loon- en huurvorderingen na echtscheiding
De rechtbank Arnhem behandelde twee samenhangende zaken tussen ex-echtgenoten die elk voor de helft aandeelhouder en bestuurder zijn van een besloten vennootschap. Na hun echtscheiding sloten zij een schikking over de verdeling van de goederengemeenschap, waarbij de vennootschap buiten beschouwing werd gelaten. De vrouw werkte als werknemer voor de vennootschap en vorderde loonbetalingen die waren gestopt, evenals haar aandeel in de huurpenningen van het door de vennootschap gehuurde bedrijfspand.
De rechtbank oordeelde dat de arbeidsverhouding en de huurovereenkomst niet in de schikking waren betrokken, waardoor de loon- en huurvorderingen gegrond waren tegen de vennootschap. De wettelijke verhoging op de loonvordering werd afgewezen, mede omdat partijen elkaar belemmerden in het nakomen van verplichtingen. De man werd niet persoonlijk aansprakelijk gehouden omdat de vorderingen tegen de vennootschap waren gericht.
De rechtbank stelde een comparitie van partijen in om verdere geschilpunten te bespreken en liet een accountantsonderzoek naar de financiële verhoudingen tussen partijen en de vennootschap uitvoeren. De procedure werd aangehouden totdat de accountantsrapporten beschikbaar zijn en partijen nadere informatie verstrekken over de vertegenwoordiging van de vennootschap bij tegenstrijdige belangen.
Uitkomst: Loon- en huurvorderingen van de vrouw tegen de vennootschap worden toegewezen, wettelijke verhoging afgewezen, verdere procedure aangehouden voor accountantsonderzoek en comparitie.