ECLI:NL:RBARN:2007:BB1666
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.C.G.J. van Well
- A.J.H. van Suilen
- I. Linssen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling zelfstandigheid directeur-grootaandeelhouder voor omzetbelasting en aftrekbeperking privégebruik auto
Eiseres stelde dat haar directeur-grootaandeelhouder ([C]) als ondernemer voor de omzetbelasting moest worden aangemerkt, mede vanwege zijn positie en werkzaamheden binnen het concern. De rechtbank onderzocht de arbeidsovereenkomst en managementovereenkomst waarbij [C] zowel werknemer als opdrachtnemer was. Hoewel hij als zelfstandige handelde, verrichtte hij geen zelfstandig economische activiteiten omdat zijn werkzaamheden onder het beheer van de vennootschappen vielen en hij geen economisch bedrijfsrisico droeg.
De rechtbank stelde vast dat de aftrekbeperking van voorbelasting op privégebruik van een ter beschikking gestelde auto, zoals geregeld in het Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting 1968 (BUA), niet in strijd is met de Zesde richtlijn. De beperking is voldoende bepaald en sluit aan bij Europese jurisprudentie die het privégebruik van personenauto's als aftrekbeperking toestaat.
Op basis van deze overwegingen verklaarde de rechtbank het beroep van eiseres ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door drie rechters en partijen werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep van eiseres ongegrond en bevestigt dat de directeur-grootaandeelhouder geen ondernemer is voor de omzetbelasting en dat de aftrekbeperking voor privégebruik auto rechtmatig is.