ECLI:NL:RBARN:2007:BB1643
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Nakoming kredietovereenkomsten en beroep op artikel 28 Wet op het Consumentenkrediet faalt
Tussen IDM Financieringen en Finata Bank enerzijds en gedaagde anderzijds zijn twee kredietovereenkomsten gesloten in maart 2001. Gedaagde is in gebreke gebleven met betalingen, waardoor de kredieten opeisbaar zijn geworden. IDM Financieringen vordert betaling van €16.670,00 plus rente en kosten, Finata Bank vordert €22.223,78 plus rente en kosten.
Gedaagde voert verweer op grond van artikel 28 van Pro de Wet op het Consumentenkrediet (Wck) dat de kredietgevers onvoldoende kredietwaardigheidsonderzoek hebben verricht, en betwist de juistheid van de berekeningen en de vorderingen. De rechtbank overweegt dat artikel 28 Wck Pro niet voorziet in nietigheid of vernietigbaarheid van de overeenkomst bij schending, anders dan andere artikelen in de Wck.
De rechtbank oordeelt dat IDM Financieringen en Finata Bank via de tussenpersoon Afab voldoende onderzoek hebben gedaan naar de kredietwaardigheid van gedaagde. Het verweer dat onvoldoende rekening is gehouden met de woonsituatie van gedaagde wordt verworpen. Ook de overige verweren worden niet gegrond bevonden. De vorderingen worden toegewezen, gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de hoofdsommen, rente en proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de hoofdsommen, rente en proceskosten aan IDM Financieringen en Finata Bank.