ECLI:NL:RBARN:2006:AZ7351
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde en proceskosten bij geschil over woningwaarde
Verweerder heeft de WOZ-waarde van een vrijstaande woning vastgesteld op €300.000 per waardepeildatum 1 januari 2003. Eiser, eigenaar en gebruiker van de woning, betwist deze waarde en stelt een lagere waarde van €250.000 voor. De rechtbank overweegt dat de waarde moet worden bepaald op basis van de staat van de woning op 1 januari 2005, waarbij ook de aanbouw en opbouw moeten worden meegenomen.
De rechtbank acht het taxatierapport van verweerder, waarin de woning is getaxeerd op €318.000 en waarin vergelijkingsobjecten zijn opgenomen, voldoende onderbouwd. De verschillen tussen de woning en vergelijkingsobjecten zijn naar oordeel van de rechtbank adequaat meegenomen. Het betoog van eiser dat de aanbouw en opbouw dubbel zijn meegeteld, wordt verworpen.
Eiser stelt dat hem informatie is onthouden, wat tot proceskostenvergoeding zou kunnen leiden. De rechtbank stelt echter vast dat verweerder voldoende informatie heeft verstrekt, waaronder gegevens over vergelijkingswoningen en een conceptuitspraak op bezwaar. Het ontbreken van een grondstaffel en een officieel hoorverslag leidt niet tot een proceskostenveroordeling.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de vastgestelde WOZ-waarde. Proceskosten worden afgewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €300.000 bevestigd; proceskosten worden afgewezen.