ECLI:NL:RBARN:2006:AZ4636
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aanslag inkomstenbelasting, aftrek levensonderhoud kind en verzuimboete 2002
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PV) over 2002, de weigering van een forfaitaire aftrek voor levensonderhoud van zijn kind en de opgelegde verzuimboete wegens niet tijdig doen van aangifte.
De rechtbank stelt vast dat het loon over 2002 op € 30.029 moet worden vastgesteld, conform de door verweerder aangepaste berekening. De aftrek voor uitgaven levensonderhoud van het kind wordt geweigerd omdat eiser geen overtuigend bewijs leverde dat hij minimaal € 373 per kwartaal bijdroeg, mede doordat een overgelegde verklaring vals bleek.
De verzuimboete van € 567 wordt bevestigd omdat eiser zijn aangifte na de gestelde termijn indiende. Eerdere verzuimen uit 1997 en 1999, ook al waren de aanslagen toen nihil, tellen mee voor de verzuimenreeks. De rechtbank veroordeelt verweerder tot vergoeding van proceskosten aan eiser.
De uitspraak is gedaan op 6 december 2006 door rechter A.J.H. van Suilen en griffier P.P.J. Leenders. Partijen kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem of cassatieberoep bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Beroep gegrond voor aanslag, aftrek geweigerd, verzuimboete bevestigd en proceskosten toegewezen.